Wie mag een indicatie binnen de Zorgverzekeringswet stellen?

Volgens het normenkader indiceren mag enkel een vakbekwame verpleegkundige een indicatie stellen. Dit mag enkel binnen het eigen beroepsdomein, als de verpleegkundige werkt als wijkverpleegkundige, technisch thuiszorgverpleegkundige, dementieverpleegkundige of kinderverpleegkundige en minimaal een bacheloropleiding tot verpleegkundige heeft afgerond. Als je na 1 januari 2025 start met indiceren, is het tevens verplicht om een cursus vakbekwaam indiceren te volgen die minimaal 24 uur duurt en te voldoen aan de professionaliseringseisen uit het normenkader.

Wat is vakbekwaam indiceren?

Vakbekwaam indiceren betekent dat je als verpleegkundige op een professionele, methodische en verantwoorde manier vaststelt welke zorg een cliënt nodig heeft. Het gaat verder dan het invullen van een zorgplan of het bepalen van uren: het is een complex proces waarbij kennis, klinisch redeneren, communicatie en ethiek samenkomen.

Het indiceren gebeurt altijd binnen de kaders van de Zorgverzekeringswet en in lijn met het normenkader indicatieproces. Dit normenkader beschrijft de kwaliteitsstandaarden die je houvast geven om passende en doelgerichte zorg vast te stellen.

 
Voor wie is vakbekwaam indiceren belangrijk?

Vakbekwaam indiceren is relevant voor alle verpleegkundigen die een indicatie mogen stellen, zoals:

In al deze rollen draait het om hetzelfde: zorg vaststellen die aansluit bij de behoeften van de cliënt en bijdraagt aan kwaliteit van leven.

 
De kern van vakbekwaam indiceren

Waarom is vakbekwaam indiceren nodig?

Indiceren bepaalt niet alleen wát er aan zorg geleverd wordt, maar ook hóe dit verantwoord kan worden richting zorgverzekeraar en samenleving. Een vakbekwaam gestelde indicatie geeft vertrouwen aan cliënten, collega’s en financiers. Het zorgt ervoor dat de juiste zorg, op de juiste plek, op het juiste moment wordt ingezet.

 
Scholing en ondersteuning

Bij Vakbekwaam Indiceren helpen we verpleegkundigen dit proces te versterken met:

Zo krijg jij als verpleegkundige de kennis en vaardigheden in handen om met zekerheid, trots en vakbekwaamheid te indiceren.

Voldoet de cursus Vakbekwaam Indiceren aan het herijkte normenkader (2024)?

Jazeker. De cursus is volledig aangepast op de normen uit het herijkte normenkader dat in 2024 is gepubliceerd en sinds 1 januari 2025 van kracht is.

Is de cursus Vakbekwaam Indiceren geaccrediteerd?

Ja, zowel de online cursus als de fysieke incompany cursussen zijn geaccrediteerd voor 24 punten door V&V.

Kun je als mbo-verpleegkundige deelnemen aan de cursus Vakbekwaam Indiceren?

Het is mogelijk om als mbo-verpleegkundige deel te nemen aan de cursus. Echter moet hierbij wel rekening worden gehouden met het feit dat de cursus op post-hbo niveau wordt gedoceerd en dat de eindopdracht hier ook aan voldoet. Tevens mag een mbo-opgeleide verpleegkundige na het volgen van de cursus niet zelfstandig indiceren. Dit is voorbehouden aan de bachelor opgeleide verpleegkundige, zoals vastgelegd in het normenkader indiceren.

Wat is het normenkader indicatieproces?

Het normenkader indicatieproces beschrijft de kwaliteitseisen waaraan elke indicatiestelling moet voldoen. Het geeft daarmee richting en duidelijkheid: wat mag een cliënt, collega of zorgverzekeraar van een indicatie verwachten? De normen staan niet los van elkaar; ze zijn onderling verbonden en versterken elkaar. Samen vormen ze de beroepsstandaard die verpleegkundigen ondersteunt bij het vaststellen van passende, doelgerichte en kwalitatief hoogwaardige zorg.

 
Norm 1 – Professionele autonomie

De eerste norm benadrukt jouw professionele verantwoordelijkheid en autonomie als hbo-verpleegkundige. Je gebruikt je kennis, ethisch besef en klinische vaardigheden om zorgvuldig te beoordelen welke zorg iemand nodig heeft. Deze autonomie vraagt om een stevig fundament: je combineert evidence-based kennis met je professionele oordeel, en je bent in staat om daarover verantwoording af te leggen.

 
Norm 2 – Bekwaamheid en ontwikkeling

Indiceren is geen trucje dat je één keer leert, maar een complex proces dat voortdurende scholing en ontwikkeling vraagt. Als beroepsgroep hebben verpleegkundigen een gezamenlijke verantwoordelijkheid om de kwaliteit van indicaties te blijven verbeteren. Door actief te investeren in scholing indiceren en samen te leren, groeit niet alleen jouw eigen vakmanschap, maar ook het vertrouwen in de beroepsgroep als geheel.

 
Norm 3 – Doelgerichte zorg en gezondheidsbevordering

Bij indiceren draait het niet alleen om het toewijzen van uren of handelingen, maar vooral om het doel van zorg. Je werkt resultaatgericht, met oog voor eigen regie en zelfredzaamheid van de cliënt. Dat vraagt kennis van concepten als reablement en positieve gezondheid, maar ook vaardigheden in motiverende gespreksvoering en samenwerking binnen de wijk. Als gezondheidsbevorderaar draag je actief bij aan het versterken van de cliënt in plaats van enkel het oplossen van problemen.

 
Norm 4 – Methodisch werken

Een goede indicatie komt tot stand via een gestructureerd en transparant proces. Het verpleegkundig proces – van anamnese en diagnose tot interventies en evaluatie – vormt hierbij de leidraad. Door methodisch te werken, kun je samen met de cliënt onderbouwde keuzes maken en zorg vaststellen die in verhouding staat tot de gewenste resultaten. Zo maak je het proces navolgbaar én toetsbaar.

 
Norm 5 – Verslaglegging en continuïteit

Tot slot is zorgvuldige verslaglegging onmisbaar. Elke stap in het verpleegkundig proces moet worden vastgelegd om continuïteit, overdraagbaarheid en kwaliteit van zorg te waarborgen. Het zorgplan fungeert daarbij als het centrale werkinstrument voor verpleegkundigen en verzorgenden. De keuze voor een specifieke classificatie – zoals NANDA-I, NIC, NOC, Omaha System, of ICF – is minder bepalend dan de manier waarop je de informatie volledig en correct ordent en vastlegt.